ECLI:NL:CRVB:2003:AL7284
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- T. Hoogenboom
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergoeding pensioenpremie tijdens FPU-periode na omzetting VUT-regeling
Gedaagde, voormalig directeur bij de gemeente Amsterdam, werd ontslagen met een regeling die aanspraak gaf op de toen geldende wachtgeld/VUT-regeling inclusief pensioenopbouw. Na vervanging van de VUT-regeling door de FPU-regeling, die geen verplichte pensioenopbouw kent, verzocht gedaagde vergoeding van de premie voor vrijwillige pensioenopbouw. De gemeente weigerde dit, stellende dat geen individuele garantie bestond en landelijke afspraken ontbraken.
De rechtbank verklaarde het beroep van gedaagde gegrond en bepaalde dat een nieuwe beslissing moest worden genomen. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelde dat de garantie in de overeenkomst zag op de toen geldende wachtgeld/VUT-regeling in haar geheel, inclusief pensioenpremies, en dat de wijziging naar de FPU-regeling geen compensatieplicht voor de gemeente opleverde.
De Raad wees erop dat bestuursorganen in principe niet verplicht zijn compensatie te bieden voor nadelige gevolgen van gewijzigde regelgeving, tenzij sprake is van individuele toezeggingen. De gemeente werd veroordeeld in de proceskosten van gedaagde. Het hoger beroep van de gemeente werd verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de gemeente terecht heeft geweigerd de pensioenpremie tijdens de FPU-periode te vergoeden.