ECLI:NL:CRVB:2003:AI1581
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.D.M. van Diepenbeek
- G.J.H. Doornewaard
- C.P.J. Goorden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid op basis van ABP-invaliditeitspercentage bij omzetting naar WAO-uitkering
Appellante stelde beroep in tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) om haar WAO-conforme uitkering toe te kennen op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage van 55 tot 65%, zoals vastgesteld door het ABP op 31 december 1995.
De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat op grond van artikel 37, tweede lid, van de Wet privatisering ABP (WPA) de door het ABP vastgestelde mate van algemene invaliditeit bepalend is voor de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid bij omzetting naar een WAO-uitkering. Een nieuw medisch en arbeidskundig onderzoek was volgens de rechtbank niet vereist.
De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij dit oordeel en bevestigt dat het UWV niet gehouden was tot een nieuwe beoordeling van de arbeidsongeschiktheid. De Raad ziet geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
De uitspraak werd gedaan op 5 juni 2003, waarbij de Raad het beroep van appellante ongegrond verklaarde en het besluit van het UWV handhaafde.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid op basis van het ABP-invaliditeitspercentage wordt bevestigd.