ECLI:NL:CRVB:2002:AN8917
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ambtsbericht over functioneren militair ondanks eerdere hoge beoordelingen
Appellant, sergeant bij de logistieke dienst goederenbeheer, was van 1994 tot 1997 chef bureau bevoorrading aan boord van een marineschip. Gedurende deze periode werden twee hoge beoordelingen over zijn functioneren vastgesteld, met een totaaloordeel dat zijn kwaliteiten boven de functie-eisen uitstegen. Tevens ontving appellant een functioneringsgratificatie en een blijk van waardering.
In 1997 voerde de Interne Controle Koninklijke Marine (ICKM) een controle uit op het schip, resulterend in een rapport met de voorlopige waardering "onvoldoende". Naar aanleiding hiervan ontving appellant in februari 1998 een brief waarin werd gesteld dat hij tekort was geschoten in organisatie en controle, en dat de hoge beoordelingen niet in verhouding stonden tot de bevindingen van de ICKM. Deze brief werd opgenomen in zijn personeelsdossier en later door de bevelhebber der Zeestrijdkrachten als ambtsbericht gehandhaafd.
Appellant stelde in hoger beroep dat de brief onterecht als ambtsbericht was aangemerkt en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat het rapport alleen rechtspositionele gevolgen voor hem had en niet voor andere medewerkers met hogere verantwoordelijkheid. De Raad oordeelde dat het rapport ook gevolgen had voor het Hoofd Logistieke Dienst en dat appellant niet in een gelijke positie verkeerde met andere medewerkers, waardoor ongelijke behandeling niet aannemelijk was.
Verder werd geoordeeld dat de inhoud van de brief en het bestreden besluit niet onjuist waren, aangezien appellant de geconstateerde tekortkomingen niet inhoudelijk had betwist. Het feit dat appellant geen gelegenheid had om zijn functioneren te verbeteren deed niet af aan de juistheid van de bevindingen, omdat de controle aan het einde van zijn diensttijd plaatsvond. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de brief als ambtsbericht gehandhaafd.