ECLI:NL:CRVB:2002:AF2289
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- A. Beuker-Tilstra
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergoeding kosten rechtsbijstand en schade na dienstongeval penitentiair medewerker
Appellant, werkzaam als penitentiair inrichtingswerker, liep op 13 februari 1996 een pinkblessure op tijdens verplichte dienstsport. Aanvankelijk werd het ongeval niet als dienstongeval erkend, maar na een eerdere uitspraak van de rechtbank werd dit alsnog erkend en zijn medische kosten vergoed.
Appellant vorderde vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in de bezwaarprocedure tegen de eerste weigering, welke vergoeding werd geweigerd en deze weigering werd door de rechtbank bevestigd. Tevens werd een verzoek tot vergoeding van overige materiële en immateriële schade afgewezen.
De Raad oordeelt dat de bezwaarprocedure correct is verlopen, dat het besluit van 4 april 1996 niet 'tegen beter weten in' onrechtmatig was, en dat er geen strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Ook is vastgesteld dat het ongeval het gevolg was van een ongelukkige samenloop van omstandigheden zonder fout van de sportinstructeur of tekortkoming van het bestuursorgaan.
De Raad bevestigt daarom de uitspraken van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af, waarbij ook geen aanleiding is tot toepassing van billijkheidsbepalingen of vergoeding op grond van door gedaagde gewekte verwachtingen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering tot vergoeding van kosten rechtsbijstand en overige schade na het dienstongeval.