ECLI:NL:CRVB:2002:AE7242
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- Th.G.M. Simons
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit bijzondere bijstand wegens onjuiste wettelijke grondslag
Appellante maakte bezwaar tegen de terugvordering van een bedrag van f 1.171,20 aan bijzondere bijstand door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Maasbree. Het College had het bedrag teruggevorderd op grond van artikel 81, tweede lid, van de Algemene bijstandswet (Abw), terwijl sprake was van ten onrechte verleende bijstand op basis van artikel 69, derde lid, aanhef en onder b, van de Abw.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat bij terugvordering van ten onrechte of te hoog verleende bijstand het bestuursorgaan de terugvordering moet baseren op artikel 81, eerste lid, van de Abw. Artikel 81, tweede lid, is alleen van toepassing op onverschuldigde betalingen, bijvoorbeeld door administratieve fouten. Het College heeft ten onrechte artikel 81, tweede lid, toegepast, waardoor het bestreden besluit in strijd is met de wet is.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en verklaart het beroep gegrond. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven echter in stand, omdat geen dringende redenen zijn aangevoerd die een andere uitkomst rechtvaardigen. Tevens veroordeelt de Raad het College in de proceskosten van appellante en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden terugvorderingsbesluit wordt vernietigd en het beroep van appellante wordt gegrond verklaard.