ECLI:NL:CRVB:2002:AE4027
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- Th.G.M. Simons
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak en terugwijzing wegens schending procesorde in bestuursrechtelijk hoger beroep
Appellant stelde beroep in tegen een besluit van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede, maar het beroepschrift bevatte niet de gronden van het beroep. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat appellant niet binnen de gestelde termijn de gronden had ingediend. Appellant stelde verzet in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring, dat door de rechtbank werd afgewezen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het beroepschrift niet-ontvankelijk had kunnen worden verklaard indien appellant de gelegenheid had gekregen het verzuim te herstellen. Echter, de rechtbank had appellant niet op kenbare wijze in de gelegenheid gesteld dit te doen, omdat de uitnodigingsbrief niet aangetekend was verzonden en appellant deze niet had ontvangen.
Hierdoor is appellant het recht op een eerlijk proces onthouden, wat een uitzondering op het appèlverbod rechtvaardigt. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en wijst de zaak terug voor een nieuwe uitspraak op het verzet. Tevens wordt bepaald dat de gemeente het betaalde griffierecht aan appellant moet vergoeden.
Uitkomst: De Centrale Raad vernietigt de uitspraak en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor een nieuwe beslissing.