ECLI:NL:CRVB:2002:AE3899
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- C.G. Kasdorp
- M.M. van der Kade
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over in mindering brengen lijfrente op uitkering vervolgingsslachtoffer
Eiseres ontving sinds 1 oktober 1987 een periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Hierbij werd haar vermogen vastgesteld, inclusief 60% van de waarde van haar eigen woning. Na verkoop van deze woning in 1993 werden met het vrijgekomen vermogen lijfrentekapitaalverzekeringen aangeschaft. Verweerster bracht de inkomsten uit deze lijfrente vanaf 1 januari 1999 volledig in mindering op de uitkering van eiseres.
Eiseres stelde dat de koopsom van de lijfrente volledig was gefinancierd uit vermogen dat reeds bij de oorspronkelijke vermogensvaststelling was betrokken, en dat het besluit daarom onjuist was. De Raad oordeelde dat de Wet geen grond biedt om een na de aanvraag opgetreden toename van het vermogen, anders dan door toeval van nieuwe vermogensbestanddelen, bij de berekening van de uitkering te betrekken.
De Raad concludeerde dat de inkomsten uit lijfrente voortvloeien uit het reeds vastgestelde vermogen en dat het onjuist is deze inkomsten nogmaals in mindering te brengen. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerster werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt gegrond verklaard en het besluit tot in mindering brengen van de lijfrente-inkomsten wordt vernietigd.