ECLI:NL:CRVB:2002:AE3751
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende gemotiveerde vaststelling persoonsgebonden budget AWBZ voor wonen en dagbesteding
Appellante, verstandelijk en lichamelijk gehandicapt, ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor wonen en dagbesteding op grond van de AWBZ. Het toegekende budget van f 90.000,-- werd door appellante betwist omdat dit onvoldoende was om de benodigde zorg in te kopen, mede gelet op hogere offertes van zorgaanbieders.
De Raad oordeelt dat het bestreden besluit gebaseerd is op een onvoldoende uitgewerkte indicatie van de zorgbehoefte en dat de toepassing van de hardheidsclausule door gedaagde onvoldoende gemotiveerd is. De Raad stelt dat het pgb in verhouding moet staan tot de kosten van zorg in natura en dat de keuzevrijheid van de verzekerde niet onredelijk beperkt mag worden.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalt dat gedaagde een nieuw besluit op bezwaar moet nemen met inachtneming van de overwegingen uit deze uitspraak. Tevens veroordeelt de Raad gedaagde in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en gedaagde moet een nieuw besluit nemen met een voldoende gemotiveerde indicatie en budgetvaststelling.