ECLI:NL:CRVB:2001:BJ7806
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- M.M. van der Kade
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens herhaalde werkweigering ondanks medische beoordeling
Betrokkene was sinds 1990 werkzaam bij de Binnenlandse Veiligheidsdienst en meldde zich in 1995 ziek vanwege vermoeidheidsklachten. Op 10 juni 1996 werd zij door een commissie van geneeskundigen volledig hersteld verklaard en werd zij geacht haar werkzaamheden, aanvankelijk drie uur per dag, te hervatten. Ondanks meerdere oproepen en medische beoordelingen die haar arbeidsgeschiktheid bevestigden, weigerde betrokkene haar werk te hervatten.
De Minister verklaarde daarop haar aanspraak op bezoldiging vervallen en legde haar uiteindelijk onvoorwaardelijk ontslag op wegens ernstig plichtsverzuim. De rechtbank vernietigde het besluit tot vervallen verklaring van de bezoldiging, maar verklaarde het ontslagbesluit ongegrond. Beide partijen stelden hoger beroep in.
De Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het besluit tot vervallen verklaring van de bezoldiging vernietigde en bevestigde dat betrokkene zonder geldige reden haar werkzaamheden niet heeft hervat. De Raad stelde vast dat het ontslag wegens plichtsverzuim gerechtvaardigd was, gelet op de ernst van de werkweigering en de soepelheid van de Minister bij het aanbieden van gefaseerde en aangepaste werkzaamheden.
De Raad vernietigde het eerdere arrest voor zover het het besluit tot vervallen verklaring van bezoldiging betrof, verklaarde dit beroep ongegrond, vernietigde het besluit van 28 april 1999 en bevestigde het ontslagbesluit. Hiermee werd het ontslag van betrokkene rechtsgeldig verklaard.
Uitkomst: Het ontslag van betrokkene wegens herhaalde werkweigering ondanks medische beoordelingen is bevestigd.