ECLI:NL:CRVB:2001:AD8373
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over voorlopige voorziening woonkostentoeslag
Appellant ontving een woonkostentoeslag die vanaf 1 juli 1999 door de gemeente Apeldoorn werd stopgezet. Hij maakte bezwaar tegen het stopzetten en stelde beroep in bij de rechtbank wegens het uitblijven van een beslissing. De rechtbank wees een verzoek om voorlopige voorziening af wegens het ontbreken van spoedeisend belang en verklaarde een verzoek tot wijziging daarvan niet-ontvankelijk omdat er geen connexe beroepszaak was.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank ten onrechte niet heeft onderkend dat een brief van appellant als herhaald beroepschrift had moeten worden aangemerkt, waardoor op dat beroep nog niet was beslist. Hierdoor was er wel sprake van een connexe beroepszaak. Bovendien was het appèlverbod van artikel 18 Beroepswet Pro niet van toepassing vanwege schending van fundamentele rechtsbeginselen.
De Raad vernietigt de uitspraak van 18 juli 2000, verklaart zich onbevoegd ten aanzien van het hoger beroep tegen de uitspraak van 22 november 1999 en gelast vergoeding van het griffierecht aan appellant. De zaak zal verder bij de rechtbank worden behandeld.
Uitkomst: De uitspraak van 18 juli 2000 wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank.