ECLI:NL:CRVB:2001:AD8157
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- W.D.M. van Diepenbeek
- M.S.E. Wulffraat- van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste vaststelling maatmaninkomen
Het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) had de WAO-uitkering van gedaagde ingetrokken op grond van een vermeend onvoldoende verlies aan verdienvermogen. De rechtbank vernietigde dit besluit en stelde vast dat het verlies aan verdienvermogen ongeveer 15,8% bedroeg, passend bij de arbeidsongeschiktheidsklasse 15 tot 25%.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de rechtbank onterecht een uurloonvergelijking toepaste en dat het maandinkomen van gedaagde geen relevant verlies toonde. De Raad oordeelde dat de berekening op basis van maandlonen correct is en dat de rechtbank terecht het maatmaninkomen had vastgesteld aan de hand van CBS-branche-indexcijfers, aangezien de oorspronkelijke werkgever niet meer bestond.
De Raad overwoog dat het maatmaninkomen moet worden aangepast aan de loonontwikkeling in de bedrijfstak en dat de berekening van het verlies aan verdienvermogen rechtvaardigt dat de indeling in de arbeidsongeschiktheidsklasse 15 tot 25% gehandhaafd blijft. Het hoger beroep van appellant wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering en veroordeelt appellant in de proceskosten.