ECLI:NL:CRVB:2001:AD7719
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- H. Bolt
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van uitspraken over korting en terugvordering arbeidsongeschiktheidsuitkeringen
De zaak betreft hoger beroep tegen uitspraken van de Arrondissementsrechtbank Arnhem inzake kortingen en terugvorderingen van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen op grond van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO).
De kern van het geschil is of bij de toepassing van artikel 45 (oud) van de WAO moet worden uitgegaan van het ongemaximeerde dagloon of het maatmanloon. De Raad oordeelt dat het ongemaximeerde dagloon geldt, omdat dit een redelijke afspiegeling vormt van het loon bij volledige arbeidsgeschiktheid. Tevens zijn de toeslagen, zoals de inconveniëntentoeslag en bereikbaarheidstoeslag, inherent aan de functies van appellant en terecht meegenomen bij de berekening van het terug te vorderen bedrag.
Appellant stelde dat de redelijke termijn van artikel 6 EVRM Pro was overschreden, maar de Raad oordeelt dat de vertraging niet aan het bestuursorgaan kan worden toegerekend en dat de beoordeling van de rechterlijke behandeling aan de burgerlijke rechter toekomt.
De Raad bevestigt de eerdere uitspraken en wijst de grieven van appellant af, waarbij tevens wordt opgemerkt dat de Raad zich onthoudt van een oordeel over zijn eigen bijdrage aan de duur van de procedure.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraken en wijst het hoger beroep af.