Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 12 mei 2026 in de zaak tussen
[naam 1] en de Maatschap [naam 2] / [naam 1] en haar maten
[naam 2], te [vestigingsplaats] (hierna gezamenlijk: [naam 3] )
de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Procesverloop
Overwegingen
Beoordeling door het College
bijlage III, onder 2, van de Nitraatrichtlijn. Eerder heeft het College overwogen dat Nederland als lidstaat verplicht is die gebruiksnorm en de op de Nitraatrichtlijn gebaseerde derogatienorm te hanteren. Het in de Msw opgenomen gebruiksnormenstelsel is bedoeld om aan die verplichting te voldoen. De minister kan daar niet van afwijken. [5] De Nitraatrichtlijn heeft tot doel waterverontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen te voorkomen en verminderen, om zo de gezondheid van de mens, de levende hulpbronnen en aquatische ecosystemen te beschermen. Het gebruiksnormenstelsel uit de Msw betreft geen ontneming, maar regulering van het eigendomsrecht van veehouders, met als doelstelling te voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit de Nitraatrichtlijn. [6]
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af;
- bepaalt dat de minister het betaalde griffierecht van € 385,- aan [naam 3] dient te vergoeden;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van [naam 3] tot een bedrag van € 2.335,-.