Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 5 november 2024 in de zaak tussen
[naam 1] , te [plaats] (vennootschap)
de Kamer van Koophandel (KvK)
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
Bijlage
)
)
)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
College van Beroep voor het bedrijfsleven
De vennootschap, een formeel buitenlandse kapitaalvennootschap opgericht naar recht van de Britse Maagdeneilanden, was ingeschreven in het Nederlandse handelsregister. Op 9 maart 2022 werd een opgave tot uitschrijving ingediend met een certificaat van discontinuance dat de stopzetting van de vennootschap per 12 mei 2021 bevestigde. De Kamer van Koophandel (KvK) schreef deze uitschrijving in en verklaarde een bezwaar hiertegen ongegrond. De vennootschap stelde dat het certificaat onterecht was afgegeven omdat zij volgens het recht van de BM niet was opgehouden te bestaan, maar slechts een zetelverplaatsing naar Nederland had beoogd.
De KvK stelde dat de vennootschap terecht was uitgeschreven omdat zij niet meer in het buitenlandse register stond ingeschreven en een zetelverplaatsing naar Nederland zonder oprichting van een nieuwe entiteit niet mogelijk is. Het College oordeelde dat de KvK geen gerede twijfel hoefde te hebben over de juistheid van de opgave, gezien het certificaat en de omschrijving van de opgave. De civielrechtelijke vraag over het voortbestaan van de vennootschap valt buiten de beoordeling van de KvK.
Het beroep werd ongegrond verklaard. Het College benadrukte dat het bewijs van inschrijving in het buitenlandse register noodzakelijk is voor inschrijving in het Nederlandse handelsregister en dat de KvK terecht heeft gehandeld. De vennootschap hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de uitschrijving van de vennootschap uit het handelsregister is ongegrond verklaard.