ECLI:NL:CBB:2024:569
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar subsidie vaste lasten COVID-19 ongegrond verklaard
De onderneming heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van het College van 30 mei 2023, waarin het beroep tegen het besluit van de minister van Economische Zaken en Klimaat werd afgewezen omdat het bezwaarschrift te laat was ingediend en de termijnoverschrijding niet verschoonbaar werd geacht.
De onderneming stelde dat zij door een verwarrende digitale communicatie met de minister niet in staat was om tijdig de gevraagde aanvullende informatie te uploaden, wat leidde tot het besluit van 4 april 2022 tot nihil vaststelling van de subsidie. Het bezwaarschrift werd echter pas op 20 juni 2022 ingediend, na de uiterste termijn van 16 mei 2022.
Het College oordeelde dat de termijnoverschrijding aan de onderneming is toe te rekenen en dat geen goede reden is gegeven voor het late indienen. Daarom is het verzet ongegrond verklaard en worden geen proceskosten toegekend.
Echter, het College overweegt dat de minister het verzoek van de onderneming om terug te komen van het besluit van 4 april 2022 inhoudelijk moet beoordelen, ook als er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zijn, omdat de minister niet heeft gereageerd op het feit dat essentiële stukken niet konden worden geüpload.
De uitspraak is gedaan door mr. T.G.M. Simons namens het College van Beroep voor het bedrijfsleven op 13 augustus 2024.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de minister moet het verzoek om terug te komen van het subsidiebesluit inhoudelijk beoordelen.