ECLI:NL:CBB:2024:568
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep subsidie MKB COVID-19 ongegrond verklaard
De ondernemer heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven waarin zijn beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn. Het betrof een subsidie voor financiering vaste lasten MKB COVID-19, waarbij de minister de subsidie op nihil had vastgesteld en het betaalde voorschot had teruggevorderd.
De ondernemer had geen bezwaar gemaakt tegen het besluit van 11 januari 2022, maar wel een herzieningsverzoek ingediend dat werd afgewezen. Vervolgens werd het bezwaar ongegrond verklaard. Het beroep bij het College werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de uiterste termijn van 5 april 2023 was ingediend.
In het verzet stelde de ondernemer dat hij niet bekend was met het College en pas na afloop van de beroepstermijn contact met de minister had gezocht, waarna hij ontdekte dat beroep mogelijk was. Het College oordeelde dat de termijnoverschrijding aan de ondernemer is toe te rekenen, omdat het besluit op bezwaar duidelijk vermeldde dat beroep binnen zes weken bij het College kon worden ingesteld, inclusief het adres. De ondernemer gaf geen verklaring waarom hij niet binnen die termijn contact met het College had opgenomen.
Het College bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en verklaarde het verzet ongegrond, waardoor het beroep inhoudelijk niet werd behandeld. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzet is ongegrond verklaard en het beroep blijft niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.