ECLI:NL:CBB:2024:247
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaarschrift wegens termijnoverschrijding niet gegrond verklaard
De onderneming heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van het College van 22 augustus 2023, waarin haar beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van een bezwaarschrift wegens te late indiening ongegrond werd verklaard. De bezwaartermijn liep tot 12 januari 2022, maar het bezwaarschrift werd pas op 27 juni 2022 ontvangen.
De onderneming stelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was omdat zij aanvankelijk afzag van bezwaar, uitgaande van een vergelijkbare eerdere uitspraak tegen een gelieerde onderneming. Nadat de minister een bezwaar van die gelieerde onderneming gegrond had verklaard, diende zij alsnog bezwaar in. Tevens voerde zij aan dat de financiële gevolgen van de niet-ontvankelijkverklaring aanzienlijk waren.
Het College oordeelde dat de keuze om geen tijdig bezwaar in te dienen aan de onderneming kan worden toegerekend en dat het financiële belang geen rol speelt bij de beoordeling van verschoonbaarheid. Ook mogelijke overschrijdingen door de minister van beslistermijnen zijn irrelevant. De termijnoverschrijding is daarom niet verschoonbaar en het verzet wordt ongegrond verklaard, waarmee de zaak is beëindigd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift wegens termijnoverschrijding wordt ongegrond verklaard.