Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
Kempische dierenhouderij B.V., te Eersel, (de dierenhouderij)
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (de minister),
Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: Stichting House of Animals Foundation, te Utrecht (de Stichting)
Procesverloop
Overwegingen
Voor zover in deze uitspraak een oordeel wordt gegeven over de last onder bestuursdwang en de brief van 27 december 2022, is sprake van een voorlopig oordeel dat het College niet bindt in een eventuele bodemprocedure.
Inleiding
Het gaat om de volgende waarnemingen: 48 honden met tandsteen van licht tot zeer ernstig, 3 te magere honden, 5 honden met overgewicht, 35 honden die nat waren en 11 honden met klitten en/of ontlasting in de vacht. Deze afwijkingen moeten door een praktiserend dierenarts beoordeeld worden. Naar aanleiding van deze beoordeling dient er een behandelplan opgesteld te worden. Van een aantal afwijkingen is interventie door de dierenarts niet noodzakelijk, deze omissies in de verzorging kunnen door de dierhouder zelf direct worden opgepakt. Dit betreft: 35 natte honden en 11 honden met klitten en/of ontlasting in de vacht. Door de dierenartsen werd geconstateerd dat bijna alle honden, jong en oud die zijn beoordeeld last hadden van tandsteenvorming.”
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af in de zaak 23/44;
- verklaart zich onbevoegd in de zaak 23/53.