ECLI:NL:CBB:2023:571
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoeken wegens niet-betaling griffierecht
In deze zaak diende verzoeker twee verzoeken in bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven tegen besluiten van de minister van Economische Zaken en Klimaat inzake de regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19.
De voorzieningenrechter deed uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Volgens artikel 8:82 Awb Pro is betaling van griffierecht verplicht voor ontvankelijkheid van het verzoek. De griffier had verzoeker op 11 augustus 2023 per aangetekende post een nota gestuurd met de mededeling dat het griffierecht binnen twee weken betaald moest zijn.
De nota's werden op 15 augustus 2023 bezorgd, maar op 3 september 2023 was het griffierecht nog niet voldaan. Er was geen reden om aan te nemen dat verzoeker niet in verzuim was. Daarom verklaarde het College de verzoeken niet-ontvankelijk en hoefde de minister geen proceskosten te vergoeden.
De uitspraak werd op 13 september 2023 in het openbaar uitgesproken door mr. D. Brugman, in aanwezigheid van griffier D.A. Bohlmeijer.
Uitkomst: De verzoeken worden niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht.