ECLI:NL:CBB:2022:60
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rectificatie uitspraak over proceskosten bij overschrijding redelijke termijn
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft op 1 februari 2022 een rectificatie uitgesproken op zijn eerdere uitspraak van 6 juli 2021 (zaaknummer 18/2147). In de oorspronkelijke uitspraak werd vermeld dat verweerder veroordeeld werd tot betaling van de proceskosten van appellante, terwijl dit onjuist was.
De rectificatie stelt dat niet verweerder, maar de Staat veroordeeld moet worden tot betaling van de proceskosten van € 374,- aan appellante. Dit volgt uit het feit dat de overschrijding van de redelijke termijn aan de Staat is toe te rekenen en de proceskosten verband houden met het verzoek om immateriële schadevergoeding wegens deze overschrijding.
Het College achtte de fout kennelijk en eenvoudig te herstellen en heeft daarom de uitspraak op dit punt aangepast. De rectificatie is openbaar uitgesproken en een gerectificeerd exemplaar is toegevoegd en gepubliceerd op rechtspraak.nl.
Uitkomst: De uitspraak van 6 juli 2021 is gecorrigeerd zodat de Staat veroordeeld wordt tot betaling van de proceskosten van appellante.