ECLI:NL:CBB:2022:175
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Geheimhoudingsbeslissing
- Rechtspraak.nl
Beslissing rechter-commissaris over beperking kennisneming persoonsgegevens in bestuursrechtelijke procedure
In deze bestuursrechtelijke procedure hebben appellanten beroep ingesteld tegen een besluit van de Nederlandse Zorgautoriteit. Verweerster heeft vertrouwelijke versies van bepaalde gedingstukken overgelegd met persoonsgegevens, waarbij kennisneming door het College beperkt werd op grond van artikel 8:29 Awb Pro.
De rechter-commissaris heeft de belangen afgewogen tussen het belang van openbaarheid en het belang van bescherming van de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen. Gezien de aard van de persoonsgegevens en de beperkte impact op de procespositie van appellanten, oordeelde hij dat beperking van kennisneming gerechtvaardigd is.
Appellanten hebben bovendien schriftelijk toestemming gegeven aan het College om mede op grond van de volledige inhoud van de stukken uitspraak te doen, waardoor het College de zaak volledig kan beoordelen zonder inbreuk op de privacy.
Deze beslissing betreft persoonsgegevens van medewerkers van VGZ in verschillende producties, waarbij openbaarmaking een inbreuk op hun privacy zou vormen. De rechter-commissaris concludeert dat de bescherming van deze gegevens zwaarder weegt dan het belang van volledige openbaarheid in deze procedure.
Uitkomst: De rechter-commissaris heeft besloten dat de beperking van kennisneming van persoonsgegevens gerechtvaardigd is ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer.