ECLI:NL:CBB:2021:825
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen afwijzing afwijking referentieperiode TVL-subsidie
Appellante, een bowlingonderneming, verzocht om een afwijkende referentieperiode voor de berekening van de TVL-subsidie vanwege een verplichte verhuizing en verbouwing in 2019, waardoor haar omzet in de standaardreferentieperiode lager was dan in 2020.
Verweerder wees het verzoek af omdat de TVL-regeling geen ruimte biedt voor afwijking van de vaste referentieperiode van april tot en met september 2019, en alleen in zeer uitzonderlijke gevallen een uitzondering wordt gemaakt.
Het College oordeelde dat de omstandigheden van appellante, waaronder de verhuizing en uitbreiding, niet zodanig uitzonderlijk zijn dat een afwijking gerechtvaardigd is. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
De uitspraak benadrukt de strikte toepassing van de TVL-regeling en het belang van een uniforme en snelle uitvoering van de subsidie, waarbij alleen in schrijnende gevallen kan worden afgeweken van de standaardreferentieperiode.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van een afwijkende referentieperiode voor de TVL-subsidie wordt ongegrond verklaard.