ECLI:NL:CBB:2021:775
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling knelgevallenregeling en melding overdracht fosfaatrechten in melkveebedrijf
Appellante exploiteert een melkveebedrijf en maakte gebruik van de knelgevallenregeling vanwege dierziekte die de melkproductie beïnvloedde. Verweerder stelde het fosfaatrecht vast op basis van de gemiddelde melkproductie over de periode augustus 2013 tot en met juli 2014, een periode die appellante zelf in bezwaar had voorgesteld. Appellante betoogde dat alleen de maanden april tot en met juli 2014 representatief waren, maar dit was onvoldoende onderbouwd.
Daarnaast deed appellante een melding overdracht of beëindiging agrarisch bedrijf, die verweerder afwees omdat deze te laat was ingediend en er geen fosfaatrechten beschikbaar waren om over te dragen. Appellante stelde dat het ging om een overdracht van fosfaatrechten los van de bedrijfsovername, maar dit bleek niet uit de melding.
Het College oordeelde dat de gehanteerde periode voor de knelgevallenregeling representatief was en dat de melding overdracht terecht was afgewezen. Ook was verweerder niet verplicht appellante te informeren over het besluit dat het fosfaatrecht van de vervreemder op nul was gesteld, omdat appellante geen belanghebbende was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.