ECLI:NL:CBB:2018:425
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens samenloop bezwaar en melding fosfaatrechten
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van 3 januari 2018 waarin haar fosfaatrechten werden vastgesteld. Tevens deed zij een melding bijzondere omstandigheden op grond van artikel 23, zesde lid, van de Meststoffenwet. Omdat verweerder niet tijdig op de melding besliste, stelde appellante beroep in tegen het uitblijven van die beslissing.
Het College overwoog dat de melding bijzondere omstandigheden geen zelfstandige beschikking vormt, maar integraal onderdeel is van de bezwaarprocedure tegen het oorspronkelijke fosfaatrechtenbesluit. De verhoging van het fosfaatrecht op grond van de melding maakt deel uit van één ondeelbaar fosfaatrecht dat niet afzonderlijk kan worden vernietigd.
Omdat verweerder inmiddels op het bezwaar heeft beslist, inclusief de toepassing van artikel 23, zesde lid, staat appellante geen zelfstandig beroep open tegen het uitblijven van een aparte beslissing op de melding. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Het College ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door mr. R.C. Stam op 14 augustus 2018.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de melding bijzondere omstandigheden onderdeel is van het bezwaar tegen het fosfaatrechtenbesluit.