ECLI:NL:CBB:2018:404
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.E. Doolaard
- J.L. Verbeek
- I.M. Ludwig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing beschikbaarheidbijdrage vervolgopleidingen en schadevergoeding
Appellante, een instelling voor geestelijke gezondheidszorg, verzocht verweerster om met terugwerkende kracht beschikbaarheidbijdragen voor opleidelingen in de jaren 2013 tot en met 2016. Verweerster stelde de aanvraag buiten behandeling en verklaarde het bezwaar ongegrond, omdat geen bijzondere omstandigheden in de zin van artikel 4:84 Awb Pro waren aangetoond om af te wijken van het beleid.
Appellante voerde aan dat zij onvoldoende was geïnformeerd over de mogelijkheid tot 'witten', waarbij instroomplaatsen voor doorstromers beschikbaar worden gesteld, en dat verweerster het vertrouwensbeginsel had geschonden. Tevens verzocht zij om schadevergoeding wegens de misgelopen bijdragen.
Het College oordeelde dat de beleidsregels en termijnen redelijk waren en dat binnen de sector bekendheid bestond met de mogelijkheid tot witten. De omstandigheden van appellante verschilden niet van die van andere zorgaanbieders die wel gebruik maakten van deze mogelijkheid. Het beroep op het vertrouwensbeginsel was niet toereikend om af te wijken van het beleid.
Daarnaast is het verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige besluitvorming afgewezen omdat de bestuursrechter niet bevoegd is over feitelijk handelen en de daaruit voortvloeiende schade te oordelen. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenveroordeling afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de beschikbaarheidbijdrage met terugwerkende kracht is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.