ECLI:NL:CBB:2018:163
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet-naleving uiterste inzaaidatum vanggewassen en geen overmacht
Appellante diende een gecombineerde opgave in voor basis- en vergroeningsbetalingen over 2015, waarbij zij een beroep deed op overmacht wegens uitzonderlijke neerslag die het inzaaien van vanggewassen vóór 1 oktober 2015 verhinderde.
Verweerder stelde vast dat appellante slechts een deel van het verplichte ecologisch aandachtsgebied had ingezaaid en wees het beroep op overmacht af omdat de percelen niet in de door de staatssecretaris aangewezen neerslaggebieden lagen en de neerslaggegevens onvoldoende waren om van vergelijkbare weersomstandigheden te spreken.
Het College oordeelde dat appellante niet had voldaan aan de vergroeningsvoorwaarden zoals vastgelegd in de EU-verordeningen en de Uitvoeringsregeling, en dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de omstandigheden niet vergelijkbaar waren met andere gevallen waarin overmacht werd erkend.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de verlaging van de vergroeningsbetaling bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat appellante niet tijdig de vanggewassen heeft ingezaaid en geen overmacht heeft aangetoond.