ECLI:NL:CBB:2018:150
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep afgewezen wegens niet voldoen aan uiterste inzaaidatum vanggewassen in GLB 2015
Appellante, een akkerbouwbedrijf, diende een gecombineerde opgave in voor basis- en vergroeningsbetalingen in 2015. Verweerder stelde het bedrag vast op basis van slechts een deel van het bouwland, omdat niet voldaan was aan de vergroeningsvoorwaarde van het inzaaien van vanggewassen vóór 1 oktober 2015 op de relevante percelen. Appellante voerde aan dat extreme neerslag in augustus en september 2015 de inzaai verhinderde en dat zij tijdig vóór 15 oktober 2015 had ingezaaid, beroep op overmacht en uitstel werd gedaan.
Verweerder stelde dat de percelen niet in een door de staatssecretaris aangewezen regio met meer dan 100 mm neerslag lagen en dat de neerslaggegevens van het nabijgelegen weerstation Vroomshoop minder dan 100 mm aangaven. Ook ontbrak bewijs dat de grond verzadigd was. Het beroep op overmacht werd daarom afgewezen. Het College oordeelde dat appellante niet voldeed aan de vergroeningsvoorwaarden en dat de verlaging van de betaling terecht was toegepast.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de omstandigheden niet vergelijkbaar waren met andere gevallen waar uitstel werd verleend. Het College benadrukte dat de wettelijke bepalingen geen ruimte laten voor belangenafweging bij het niet voldoen aan de inzaaidatum. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens niet voldoen aan de uiterste inzaaidatum en het ontbreken van overmacht.