Appellant hield Friese paarden waarvan de NVWA op 22 januari 2016 constateerde dat de hoeven onvoldoende verzorgd waren en één paard een huidaandoening had. Verweerder legde een last onder bestuursdwang op om alle paarden te laten bekappen en een dierenarts te raadplegen voor de huidaandoening.
Na hercontroles en overleg met dierenartsen werd vastgesteld dat één paard te lange hoeven had en een huidaandoening, maar onvoldoende was vastgesteld dat alle paarden onvoldoende hoefverzorging hadden. Appellant voerde aan dat slechts enkele paarden hoefbekapping nodig hadden en dat de huidaandoening niet besmettelijk was.
Het College oordeelde dat verweerder terecht een last kon opleggen voor het paard met de huidaandoening, maar dat het opleggen van een last voor alle paarden niet voldoende was onderbouwd. Daarom vernietigde het College het bestreden besluit voor zover het betrekking had op de hoefbekapping van alle paarden en heropende het onderzoek voor een nadere uitspraak over de schadevergoeding.