ECLI:NL:CBB:2016:76
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- R.W.L. Koopmans
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Weigering subsidie wegens faillissement bij subsidievaststelling zonder voorafgaande verlening
De zaak betreft een beroep tegen de weigering van subsidie aan de curator van een failliete onderneming op grond van de Subsidieregeling energie en innovatie, hoofdstuk Indirecte emissiekosten ETS. De subsidieaanvraag betrof kosten over 2013, terwijl het faillissement van de onderneming op 30 december 2013 was uitgesproken. De minister wees de aanvraag af op grond van artikel 4:35 lid 2 sub b Awb Pro in samenhang met artikel 4:43 lid 2 Awb Pro, omdat de aanvrager failliet was verklaard.
Appellant voerde aan dat de subsidie ten onrechte werd geweigerd omdat de activiteiten volledig waren verricht en de kosten daadwerkelijk waren gemaakt, waardoor het doel van de Subsidieregeling niet werd doorkruist. Tevens stelde appellant dat de regeling een automatische subsidieverlening beoogde en dat de weigeringsgrond niet zonder meer van toepassing was bij subsidievaststelling zonder voorafgaande beschikking.
Het College oordeelde dat de minister bevoegd was de subsidie te weigeren op grond van genoemde wetsartikelen, ook bij subsidievaststelling zonder voorafgaande beschikking. De belangenafweging door de minister was niet onredelijk, mede omdat subsidieverstrekking aan een failliete onderneming niet bijdraagt aan het doel van de regeling om Nederlandse bedrijven in Nederland te houden en efficiënter te laten produceren. De doorstart door een andere rechtspersoon maakte dit niet anders.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van subsidie aan de curator van een failliete onderneming wordt ongegrond verklaard.