ECLI:NL:CBB:2015:154
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.E. Doolaard
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- M. Munsterman
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen vaststelling orthodontietarieven door Nederlandse Zorgautoriteit
De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) stelde met meerdere tariefbeschikkingen de orthodontietarieven vast voor de jaren 2011 tot en met 2014. Appellanten, orthodontiepraktijken, voerden beroep aan tegen deze besluiten omdat zij meenden dat de tarieven te laag waren en de kwaliteit van zorg daardoor in gevaar kwam.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven oordeelde dat de NZa haar tarieven heeft gebaseerd op gedegen onderzoeken naar kosten, opbrengsten en productie van orthodontiepraktijken, waaronder rapporten van onderzoeksbureaus ConQuaestor / Significant en RMI. De NZa heeft de spreiding van bedrijfsresultaten betrokken bij haar tariefberekening en heeft terecht privé-kosten buiten beschouwing gelaten omdat deze niet tot de noodzakelijke zorgkosten behoren.
Appellanten slaagden er niet in aannemelijk te maken dat de tariefverlagingen zouden leiden tot een ontoereikende kwaliteit van orthodontische zorg. Het College volgde de NZa in haar standpunt dat onvoldoende gegevens beschikbaar zijn om de kwaliteit van zorg te meten en dat de Inspectie voor de Gezondheidszorg toezicht houdt op de minimale kwaliteit.
Daarom verklaarde het College de beroepen ongegrond en wees het verzoek om proceskostenveroordeling af. De uitspraak bevestigt dat de NZa binnen haar beleidsruimte en op basis van voldoende onderbouwing de tarieven mag vaststellen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde orthodontietarieven wordt ongegrond verklaard.