Appellante verzocht om wijziging van de tenaamstelling van een aan een derde verstrekte S&O-verklaring, welke door verweerder werd afgewezen. Het bezwaar tegen deze afwijzing werd eveneens ongegrond verklaard. Appellante stelde dat de formele wijziging van de inhoudingsplichtige geen materiële verandering teweegbracht en dat toepassing van de hardheidsclausule op haar situatie passend zou zijn.
Het College oordeelde dat het wettelijk stelsel geen wijziging van de tenaamstelling van een S&O-verklaring na de wettelijke indieningstermijn toestaat, ongeacht de aard van de werkzaamheden of personeelsbestand. Tevens is een besluit over toepassing van de hardheidsclausule niet appellabel. Het beroep tegen het primaire besluit werd daarom niet-ontvankelijk verklaard en doorgezonden als bezwaar aan verweerder.
Het beroep tegen het bestreden besluit, dat het verzoek tot wijziging van de tenaamstelling afwees, werd ongegrond verklaard. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. De uitspraak werd gedaan door mr. M. van Duuren en griffier mr. P.H. Broier op 24 juli 2013.