ECLI:NL:CBB:2012:BW3286
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- E. Dijt
- M.M. Smorenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens overtreding gebruiksnormen Meststoffenwet
A B.V. kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens overtreding van de gebruiksnormen voor dierlijke mest, stikstof en fosfaat in 2006. De rechtbank verklaarde het beroep van A B.V. ongegrond en bevestigde de boete. Het hoger beroep richtte zich op de bewijslastverdeling en de vraag of de correctie van de mestvoorraad door A B.V. voldoende werd meegewogen.
Het College overwoog dat de Meststoffenwet een systeem kent waarbij de bewijslast primair bij de gebruiker ligt om aan te tonen dat de gebruiksnormen niet zijn overschreden. De onschuldpresumptie uit het EVRM is in dit bestuursrechtelijke kader niet van toepassing. A B.V. diende aannemelijk te maken dat de mest anders dan door uitrijden was verwerkt, maar slaagde hier niet in.
Ondanks een verklaring over opslag van mest in een mestopslagput ontbrak voldoende onderbouwing en bewijs, zoals administratieve gegevens of verklaringen van de eigenaar van de opslag. De staatssecretaris had op goede gronden de overtreding vastgesteld en de boete opgelegd. Het College bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het College bevestigt de bestuurlijke boete wegens overtreding van de gebruiksnormen Meststoffenwet in 2006.