ECLI:NL:CBB:2012:BW0388
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- M. van Duuren
- G.P. Kleijn
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verdachtverklaring en maatregelen Q-koorts bij geitenbedrijf
Appellante heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie waarbij haar bedrijf besmet werd verklaard en alle drachtige en mannelijke geiten werden gedood vanwege verdenking van Q-koorts.
Verweerder baseerde zijn besluiten op betrouwbare onderzoeksresultaten van tankmelkmonsters waaruit bleek dat de Q-koortsveroorzakende bacterie aanwezig was. Appellante voerde aan dat de onderzoeksprocedures onzorgvuldig waren en dat vaccinatie een minder ingrijpende maatregel had kunnen zijn.
Het College oordeelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de monsterneming onzorgvuldig was of dat vaccinatie de onderzoeksresultaten beïnvloedde. Ook was het opleggen van de maatregel tot doding proportioneel en gebaseerd op deskundigenadviezen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de verdachtverklaring en maatregelen wegens Q-koorts wordt ongegrond verklaard.