4. Het standpunt van appellante
Sapa heeft, samengevat weergegeven, het volgende betoogd.
De indeling van Sapa in een tariefcategorie is ten onrechte gebaseerd op artikel 3.7.2, aanhef en onder e (tariefcategorie die behoort bij het werkelijke spanningsniveau waarop de verbruiker is aangesloten), en niet op diezelfde bepaling aanhef en onder d (tariefcategorie MS), TarievenCode. De tariefcategorieën MS-transport en MS-distributie betreffen immers een opsplitsing van de onder d genoemde tariefcategorie MS. Daarnaast volgt uit artikel 2.1.1.2 Netcode dat artikel 3.7.2, aanhef en onder d, TarievenCode wordt toegepast bij de indeling van afnemers aangesloten op netten met een spanningsniveau tot 25 kV, zoals de MS-transportnetten en de MS-distributienetten, en artikel 3.7.2, aanhef en onder e, TarievenCode bij een spanningsniveau vanaf 25 kV.
Verder is het in artikel 3.7.1, aanhef en onder e, TarievenCode opgenomen criterium 'daadwerkelijk spanningsniveau waarop de afnemer is aangesloten' niet geschikt voor een indeling in de tariefcategorieën MS-transport en MS-distributie, aangezien de netten waarvoor deze tariefcategorieën gelden van hetzelfde spanningsniveau zijn (MS). Het in artikel 3.7.1, aanhef en onder d, TarievenCode neergelegde criterium is daartoe wel geschikt. Dit criterium ziet op het gecontracteerde transportvermogen; de fysieke aansluitwijze is hierbij niet van belang.
Overigens verplicht artikel 3.7.2, aanhef en onder d, TarievenCode de netbeheerder om zowel een onder- als een bovengrens vast te stellen voor de waarde van het gecontracteerd transportvermogen. Ten onrechte heeft Enexis dit met betrekking tot de tariefcategorieën MS-transport en MS-distributie niet gedaan en in plaats daarvan het criterium fysieke aansluitwijze in de deelmarktgrenzen opgenomen. De vastgestelde deelmarktgrenzen voldoen daarom niet aan de daaraan te stellen wettelijke vereisten.
Voor zover Sapa wel op grond van artikel 3.7.2, aanhef en onder e, TarievenCode kon worden ingedeeld, heeft NMa die bepaling onjuist toegepast door daarbij uit te gaan van het criterium fysieke aansluitwijze. Voor dit criterium bestaat geen wettelijke grondslag. Artikel 3.7.2 TarievenCode bevat een limitatieve opsomming van criteria aan de hand waarvan verbruikers in tariefcategorieën worden ingedeeld. Dit volgt uit het uitputtende karakter van de tariefstructuren (artikel 27, eerste lid, van de Wet) en het rechtszekerheids¬beginsel. In artikel 3.7.2 is geen enkele verwijzing opgenomen naar artikel 3.2.5 Tarieven¬Code, het artikel waar NMa het criterium fysieke aansluitwijze op baseert. Het onderscheid in tariefcategorieën (artikel 3.7.1 TarievenCode) staat ook overigens los van de indeling in tariefcategorieën. Verder geldt dat ook al zou artikel 3.2.5 TarievenCode doorwerking hebben, zoals door NMa gesteld, niet alleen het criterium specifieke netconfiguratie (ofwel fysieke aansluit¬wijze), maar ook het criterium 'het in het verleden gevoerde beleid' een rol zou moeten spelen bij de indeling van afnemers in een tariefcategorie. Dit is niet het geval.
De toepassing van het criterium fysieke aansluitwijze is voorts in strijd met het in artikel 24, derde lid, van de Wet neergelegde discriminatieverbod, aangezien dit tot gevolg heeft dat afnemers met een eenzelfde gecontracteerd transportvermogen in verschillende tariefcategorieën worden ingedeeld.
Ook de door Enexis vastgestelde deelmarktgrenzen, die als bijlage bij de tariefbesluiten voor Enexis voor de jaren 2007, 2009 en 2010 zijn opgenomen, zijn in strijd met het discriminatieverbod. Het uitgangspunt van een effectieve rechtsbescherming, zoals uitgewerkt in de Algemene wet bestuursrecht en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, brengt met zich dat de rechtmatigheid van de tariefbesluiten waarin de deelmarkt¬grenzen zijn opgenomen in het kader van deze geschilprocedure kan worden getoetst. De stelling van NMa dat de onverbindendheid van de tariefbesluiten in een procedure als deze niet kan worden ingeroepen gaat voorbij aan het legaliteitsbeginsel.