ECLI:NL:CBB:2011:BP6987
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet gebleken nalatigheid accountant bij tijdige verstrekking verantwoording vruchtgebruikinkomen
In deze zaak stond de klacht centraal dat appellant, een registeraccountant, de verantwoording van het vruchtgebruikinkomen over 2007 te laat aan klaagster had verstrekt. Klaagster stelde dat de aanlevering op 27 juni 2008 nalatig was en een inbreuk vormde op de professionele normen van de beroepsgroep.
De raad van tucht had de klacht gegrond verklaard maar geen maatregel opgelegd. Appellant voerde aan dat hij geen afspraak had met klaagster over een specifieke datum voor aanlevering en dat de relatie met de bewindvoerder bepalend was. Ook stelde hij dat de gegevens voor de belastingaangifte niet eerder beschikbaar hoefden te zijn omdat er in 2007 geen vruchtgebruikinkomen was.
Het College oordeelde dat niet was gebleken dat appellant gehouden was de verantwoording eerder te verstrekken dan hij heeft gedaan. Er was geen afspraak over een deadline en klaagster had geen concreet belang bij eerdere aanlevering kunnen aantonen. Het beroep werd gegrond verklaard, de tuchtbeslissing vernietigd en de klacht ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de klacht tegen de accountant wordt ongegrond verklaard.