ECLI:NL:CBB:2010:BN4376
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing wijziging bedrijfstoeslag wegens kennelijke fout in aanvraag
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van de Minister van Landbouw waarin het bezwaar tegen de vaststelling van de bedrijfstoeslag 2007 werd afgewezen. Appellant beschikte over 33,86 toeslagrechten maar had slechts een deel van de subsidiabele percelen voor uitbetaling van toeslagrechten opgegeven. Verweerder erkende geen kennelijke fout en wees het verzoek tot wijziging van de aanvraag af omdat het na de kortingsperiode was ingediend.
Het College overwoog dat wijziging van de aanvraag alleen mogelijk is bij een kennelijke fout in de zin van artikel 19 van Pro Verordening (EG) nr. 796/2004. Het College concludeerde dat het grote verschil tussen de opgegeven percelen en de beschikbare toeslagrechten een duidelijke tegenstrijdigheid vormt die wijst op een kennelijke fout. Verweerder had appellant moeten wijzen op deze fout en gelegenheid moeten bieden tot correctie.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder moet opnieuw beslissen.