ECLI:NL:CBB:2010:BM2397
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- B. Verwayen
- M. van Duuren
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen tuchtbeslissing raad van tucht voor registeraccountants
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen een tuchtbeslissing van de raad van tucht die een klacht deels gegrond verklaarde en een schriftelijke waarschuwing oplegde aan betrokkene, een registeraccountant. De klacht betrof onder meer de waardering van vennootschappen, de toepassing van hoor en wederhoor en vermeende partijdigheid.
Het College oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is voor zover het gericht is tegen de gegrond verklaarde onderdelen van de klacht, met name de conclusies over obligaties, spaarbrieven en besteding van een groot geldbedrag. Deze onderdelen zijn reeds door de raad van tucht beoordeeld en gegrond verklaard.
Voor het overige, waaronder de waardering van vennootschappen, hoor en wederhoor en integriteit, wijst het College het beroep af. Het College stelt dat de civiele procedure de juiste weg is om inhoudelijke bezwaren tegen het deskundigenrapport te bespreken en dat de tuchtrechter slechts beperkte toetsingsruimte heeft. Ook is geen sprake van schending van tuchtrechtelijke normen door betrokkene.
Het beroep wordt aldus deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige verworpen.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige verworpen, waardoor de schriftelijke waarschuwing gehandhaafd blijft.