ECLI:NL:CBB:2010:BL6085
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- E.J.M. Heijs
- B.J.E. Lodder
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag specifieke premierechten zoogkoeien wegens onvoldoende gebruiksduur grond
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw om zijn aanvraag voor specifieke premierechten zoogkoeien 2004 af te wijzen. De aanvraag werd geweigerd omdat de verworven grond niet ten minste twee jaar voorafgaand aan de eigendomsoverdracht in gebruik was geweest voor de zoogkoeienhouderij.
De Regeling dierlijke EG-premies stelt als voorwaarde dat de grond voorafgaand aan de verwerving ten minste twee jaar in gebruik moet zijn geweest voor de zoogkoeienhouderij door een andere producent. Uit onderzoek en landbouwtellinggegevens bleek dat noch de vorige eigenaar noch de gebruiker in die periode zoogkoeien hielden.
Appellant voerde aan dat de grond wel degelijk in gebruik was voor zoogkoeienhouderij en dat de motivering van het besluit onvoldoende was, maar het College oordeelde dat de bewijslast hiervoor bij appellant lag en dat de gegevens van de landbouwtelling dit niet aannemelijk maakten.
Het College concludeerde dat de afwijzing terecht was en dat er geen grond was voor vergoeding van proceskosten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor specifieke premierechten zoogkoeien 2004 wordt afgewezen wegens onvoldoende gebruiksduur van de grond.