ECLI:NL:CBB:2010:BL5674
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen boetebesluit wegens microbiologische normoverschrijding in levensmiddelen
Op 23 juni 2005 werd in het restaurant van A een monster genomen van gebakken rijst met ei, waaruit bleek dat de microbiologische norm met een factor 11 werd overschreden. De minister legde daarop een boete op, die A aanvocht. De rechtbank vernietigde het boetebesluit omdat de minister de wettelijke grondslag wijzigde en twijfels had over de betrouwbaarheid van de temperatuurregistratie tijdens het transport van het monster.
In hoger beroep trok de minister de eerste grief in en richtte zich op de betrouwbaarheid van de onderzoeksprocedure en de bewijslast. Het College concludeerde dat de onderzoeksprocedure volgens kwaliteitsinstructies en deskundigen werd uitgevoerd en dat de minister voldoende bewijs had geleverd dat het monster tijdens transport en opslag niet aan te hoge temperaturen was blootgesteld.
Het College oordeelde dat de hoge bacteriewaarde in het monster alleen verklaard kan worden door een te hoge waarde bij monsterneming in het restaurant, en niet door temperatuurstijging tijdens transport of opslag. Het boetebesluit blijft daardoor in stand, en het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, waarbij de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en het boetebesluit blijft in stand.