ECLI:NL:CBB:2009:BI6190
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving last onder dwangsom inzake vervoer drijfmest zonder bemonsteringsapparatuur
Appellant, bestuurder van een Pools bedrijf, werd een last onder dwangsom opgelegd wegens het vervoeren van drijfmest met transportmiddelen zonder de wettelijk vereiste bemonsteringsapparatuur. De overtredingen werden geconstateerd tijdens controles in maart 2007 en later.
Appellant voerde aan dat het vervoer een intern transport betrof vanuit gehuurde silo's, waardoor de verplichting tot bemonstering niet zou gelden, en dat de mest betrof die in een erkend technisch bedrijf was verwerkt, waardoor een uitzondering op de verplichting zou gelden. Ook stelde appellant dat de last ten onrechte alleen aan hem was opgelegd en dat de dwangsom onevenredig hoog was.
Het College oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van intern transport en dat de mest niet onder de uitzondering viel omdat het vervoer binnen Nederland plaatsvond en het product drijfmest was. Tevens was appellant als feitelijk leidinggevende en enige werknemer van de Nederlandse vestiging de juiste overtreder om de last aan op te leggen. De hoogte van de dwangsom werd als proportioneel beoordeeld.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit van de Minister gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom gehandhaafd.