ECLI:NL:CBB:2009:BI1675
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging last onder dwangsom wegens onterecht opgelegde chauffeurspas overtreding
Appellante, een taxivervoersbedrijf, kreeg een last onder dwangsom opgelegd omdat een werknemer zonder geldige chauffeurspas taxivervoer verrichtte. De pas was van rechtswege ingetrokken omdat het vereiste chauffeursdiploma niet vóór 1 januari 2006 was behaald. Appellante voerde aan dat de chauffeur wel een beperkt diploma had behaald en dat zij te goeder trouw handelde.
Het College oordeelde dat de pas inderdaad niet geldig was omdat niet aan de wettelijke voorwaarden was voldaan. De last onder dwangsom was bedoeld om herhaling te voorkomen. Verweerder stelde dat herhaling waarschijnlijk was vanwege het aantal vergunningen en eerdere overtredingen.
Het College vond echter dat appellante na constatering van de overtreding serieuze inspanningen had verricht om herhaling te voorkomen en dat de kans op herhaling slechts theoretisch was. Daarom was het niet gerechtvaardigd de last onder dwangsom te handhaven.
Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de last onder dwangsom herroepen. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het College vernietigt het bestreden besluit en herroept de last onder dwangsom wegens onvoldoende aannemelijk gemaakte kans op herhaling.