ECLI:NL:CBB:2008:BH2583
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- E.R. Eggeraat
- M.A. van der Ham
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing energie-investeringsaftrek voor nieuwe scheepsmotor
Appellant vroeg energie-investeringsaftrek (EIA) aan voor de hermotorisatie van een binnenvaartschip. Verweerder wees de aanvraag af omdat de investering niet voldeed aan de vereiste energiebesparing van minimaal 0,4 Nm³ aardgasequivalent per jaar per geïnvesteerde euro.
Verweerder baseerde zijn afwijzing op een berekening waarbij het historisch energieverbruik van de oude motor werd vastgesteld aan de hand van bunkergegevens en draaiuren, en het energieverbruik van de nieuwe motor werd geschat op basis van fabrieksgegevens. Appellant stelde dat de daadwerkelijke praktijkcijfers van de nieuwe motor gebruikt hadden moeten worden.
Het College oordeelde dat verweerder terecht uitging van een schatting op basis van testprotocollen, omdat praktijkcijfers beïnvloed worden door variabelen zoals vaarsnelheid en belading die niet gelijk zijn gebleven. Ook was de gebruiksduur van de nieuwe motor bij melding te kort om betrouwbare praktijkcijfers te gebruiken.
Het College verwierp het beroep en bevestigde dat de afwijzing van de EIA-aanvraag terecht was omdat de energiebesparing niet aannemelijk was gemaakt. Een vergoeding van proceskosten werd niet toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag energie-investeringsaftrek voor de nieuwe scheepsmotor wordt ongegrond verklaard.