ECLI:NL:CBB:2008:BD6044
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing berekening varkensrechten onder Wet herstructurering varkenshouderij
Denkavit Nederland B.V. stelde beroep in tegen een besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin haar varkensrechten werden vastgesteld volgens hardheidscategorie 7 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv). Appellante voerde aan dat haar bijzondere positie als onderzoeksbedrijf met ontheffingen op grond van oudere mestwetgeving recht gaf op een hogere toekenning van varkensrechten dan de 638 eenheden die verweerder had vastgesteld.
Het geschil draaide om de uitleg en toepassing van de Wet herstructurering varkenshouderij (Whv) en het Bhv, in het bijzonder de wijze waarop ontheffingen uit het verleden worden betrokken bij de berekening van het varkensrecht. Verweerder stelde dat de berekening correct was en dat de generieke korting van 10% niet van toepassing was op fosfaathoeveelheden waarvoor ontheffing was verleend, maar dat het varkensrecht wel gebaseerd moest zijn op het daadwerkelijk in 1996 gehouden aantal varkens.
Het College oordeelde dat het Bhv geen individuele afwijking toestaat en dat de regeling voor ontheffingen in artikel 20 Bhv Pro correct is toegepast. Het vertrouwensbeginsel en beleidsargumenten konden niet leiden tot een hogere toekenning. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van Denkavit Nederland B.V. wordt ongegrond verklaard en de berekening van haar varkensrechten op 638 eenheden gehandhaafd.