ECLI:NL:CBB:2008:BD5256
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- B. Verwayen
- J.A. Hagen
- H.O. Kerkmeester
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing weigering intrekking ontheffing Mededingingswet inzake Bergingsregeling Incident Management
De zaak betreft het hoger beroep van Vereniging Bergers Belangen (VBB) tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam over de weigering van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) om een ontheffing onder de Mededingingswet in te trekken die betrekking heeft op de Bergingsregeling Incident Management (BIM).
VBB stelde dat de ontheffing onterecht was verleend en dat deze intrekking gerechtvaardigd was vanwege mededingingsbeperkende effecten op de markt voor tweede berging en vervangend vervoer. De rechtbank had het beroep van VBB deels gegrond verklaard, maar de rechtsgevolgen van het vernietigde onderdeel in stand gelaten.
In hoger beroep oordeelt het College dat de rechtbank terecht niet alle argumenten inzake de ontheffing in haar algemeenheid heeft besproken omdat eerdere besluiten onaantastbaar zijn geworden. Het College stelt vast dat de ontheffing voor het hoofdwegennet rechtmatig is en dat de vermeende onjuiste gegevens betrekking hebben op het onderliggende wegennet, waarvoor de ontheffing is ingetrokken.
Ten aanzien van de mededingingsbeperking op de markt voor tweede berging oordeelt het College dat de rechtbank onvoldoende gemotiveerd heeft waarom het beroep ongegrond is verklaard. Het College vernietigt dit deel van de uitspraak en beoordeelt het zelf, waarbij het het beroep van VBB ongegrond verklaart omdat de ontheffing voor de eerste berging niet onrechtmatig is en de mededingingsbeperking op tweede berging onvoldoende zwaarwegend is om de ontheffing in te trekken.
Het College veroordeelt NMa in de proceskosten ten behoeve van SIMN en gelast vergoeding van griffierechten aan VBB en SIMN.
Uitkomst: Het hoger beroep van VBB wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt deels bevestigd en deels vernietigd.