ECLI:NL:CBB:2008:BD1382
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing ontheffing Meststoffenwet wegens verkleining productierecht
Agrapork B.V. heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit dat haar bezwaar tegen de afwijzing van een ontheffingsverzoek op grond van artikel 19 van Pro de Meststoffenwet ongegrond verklaarde. De aanvraag voor ontheffing werd afgewezen omdat het productierecht van het bedrijf na 13 april 2005 was verkleind en deze verkleining niet was gecompenseerd.
Appellante stelde dat het bedrijf tijdelijk leeg was gedraaid in verband met renovatie en dat het de bedoeling was de productierechten terug te boeken. Tevens betoogde zij dat beleidsbeslissingen uit 2005 niet kunnen worden gesanctioneerd door een regeling die pas in 2006 bekend werd gemaakt. Het College oordeelde dat artikel 114 van Pro de Uitvoeringsregeling een materiële voorwaarde betreft en dat het beleid gericht is op het waarborgen van milieudoelstellingen.
Het College concludeerde dat de voorwaarde om niet per saldo te zijn verkleind in redelijkheid is gesteld en dat de verwevenheid van bedrijven binnen de groep het risico op niet-milieuvriendelijke toepassing bevestigt. Het voornemen tot terugboeking bood geen garantie en daarom was de afwijzing terecht. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Agrapork B.V. tegen de afwijzing van de ontheffingsaanvraag wordt ongegrond verklaard.