ECLI:NL:CBB:2006:AZ5790
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- M.A. van der Ham
- J.A. Hagen
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep in tuchtzaak accountants-administratieconsulenten
Opposant diende tijdig beroep in tegen een beslissing van de raad van tucht voor registeraccountants en Accountants-Administratieconsulenten, maar het beroepschrift was niet met redenen omkleed. De voorzitter van het College verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Opposant deed verzet en overwoog dat volgens hem de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toepassing vond, waardoor herstel van het verzuim mogelijk zou zijn.
Het College oordeelde dat de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten een specifieke en uitvoerige regeling bevat voor het beroep tegen tuchtbesluiten, waarin duidelijk is voorgeschreven dat het beroepschrift met redenen omkleed moet zijn. Deze eis is nadrukkelijk vermeld en kan niet door het College worden omzeild.
Verder stelde het College vast dat de raad van tucht een onafhankelijk, bij de wet ingesteld orgaan is dat met rechtspraak is belast en daarom niet als bestuursorgaan in de zin van de Awb wordt aangemerkt. Hierdoor is hoofdstuk 6 van de Awb, dat algemene regels over bezwaar en beroep bevat, niet van toepassing.
Het College concludeerde dat het beroep terecht niet-ontvankelijk werd verklaard en dat het verzet ongegrond is. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 19 december 2006.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroepschrift wordt ongegrond verklaard.