ECLI:NL:CBB:2006:AZ2220
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar varkensrechten Wet herstructurering varkenshouderij
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij waarin het bezwaar tegen een eerder besluit van 9 mei 2001 niet-ontvankelijk werd verklaard vanwege termijnoverschrijding. Het bezwaar was gericht tegen de weigering om het bedrijf van appellant in aanmerking te brengen voor toepassing van hardheidscategorie 14a onder het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv).
Het College overweegt dat het bezwaar niet tijdig is ingediend, namelijk pas vier jaar na een eerdere uitspraak van het College die vergelijkbare ontvankelijkheidsvragen behandelde. Appellant heeft geen verschoonbare redenen voor deze termijnoverschrijding aangevoerd. Daarnaast oordeelt het College dat het besluit van 9 mei 2001 terecht is genomen omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor toepassing van categorie 14a Bhv, waaronder het ontbreken van een milieuvergunning of aanvraag daarvan in de relevante periode.
Ten overvloede stelt het College dat de bezwaren van appellant tegen de omvang van de toegekende varkensrechten niet ontvankelijk zijn omdat een mededeling over de hoogte van varkensrechten geen besluit in de zin van de Awb is. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar vanwege termijnoverschrijding zonder verschoonbare reden.