ECLI:NL:CBB:2005:AS7076
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- C.M. Wolters
- J.A. Hagen
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing subsidie biologische productiemethode vanwege verwevenheid bedrijfsvoering
Appellante exploiteert een akkerbouwbedrijf dat is opgesplitst in een biologisch en een gangbaar deel, waarvoor zij subsidie aanvraagt op grond van de Regeling stimulering biologische productiemethode. Verweerder wees de subsidie af omdat volgens hem sprake is van één bedrijf met administratieve scheiding, niet van twee afzonderlijke bedrijven.
Appellante voerde aan dat er wel degelijk sprake is van een feitelijke scheiding, met eigen administratie, mestnummers en bankrekeningen, en dat zij op grond van gesprekken met LASER meende dat een administratieve scheiding volstaat. Verweerder stelde dat de bedrijfsvoering verweven is, mede gelet op het AID-onderzoek waaruit blijkt dat bedrijfsmiddelen worden gedeeld en producten in dezelfde gebouwen worden opgeslagen.
Het College oordeelt dat ondanks de administratieve scheiding de verwevenheid van de bedrijfsvoering zodanig is dat sprake is van één bedrijf. Het vertrouwen op toezeggingen over administratieve scheiding wordt niet bevestigd door de stukken. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de vergelijkbare situatie niet overeenkomt met deze casus.
Daarom verklaart het College het beroep ongegrond en bevestigt het de afwijzing van de subsidie. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de subsidie bevestigd wegens verwevenheid van bio- en gangbare productie.