ECLI:NL:CBB:2005:AS5289
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen besluit over varkensrechten en meldingsplicht Wet herstructurering varkenshouderij
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit inzake de toekenning van varkensrechten op grond van de Wet herstructurering varkenshouderij (Whv). Het geschil betreft de toepassing van artikel 10 Whv Pro, waarin de gevolgen van het niet tijdig doen van een melding van vervreemding van mestproductierechten worden geregeld.
Appellant had in 1997 mestproductierechten vervreemd maar heeft het daartoe bestemde meldingsformulier niet ingevuld en teruggezonden. Hierdoor werden de vervreemde rechten in mindering gebracht op zijn fokzeugenrechten. Appellant betoogt dat hij door onduidelijke informatievoorziening niet op de hoogte was van deze consequenties en dat het onredelijk is dat hij hierdoor wordt benadeeld. Tevens stelt hij dat hij alsnog uit zou moeten kunnen gaan van het referentiejaar 1995 in plaats van 1996.
Het College oordeelt dat de wettelijke regeling duidelijk is en dat het niet tijdig indienen van de melding de wettelijke gevolgen heeft zoals bepaald in artikel 10, derde en vierde lid, Whv. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel wordt verworpen omdat geen vergelijkbare gevallen zijn aangetoond. De keuze voor het referentiejaar kan niet achteraf worden gewijzigd zonder tijdige melding. Het College verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft van kracht.