ECLI:NL:CBB:2004:AR6473
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- E.J.M. Heijs
- F. Stuurop
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing vergunningvoorwaarden speelautomatenhallen Arnhem
Appellanten, exploitanten van speelautomatenhallen te Arnhem, voerden beroep aan tegen besluiten van de burgemeester die beperkingen stelden aan openingstijden en het verstrekken van hapjes en drankjes in hun speelhallen. De burgemeester baseerde zijn besluiten op adviezen van het Gelders centrum voor verslavingszorg De Grift en de politie, die waarschuwden voor een toename van problematisch gokgedrag bij verruiming van openingstijden en het aanbieden van snacks.
De bezwaarschriftencommissie had geadviseerd de beperkingen te versoepelen, maar de burgemeester handhaafde de beperkingen. Het College oordeelde dat de vereniging VAAC niet als belanghebbende kon worden aangemerkt en verklaarde haar beroep niet-ontvankelijk. De overige appellanten werden in hun beroep ongegrond verklaard omdat de burgemeester een discretionaire bevoegdheid heeft om vergunningvoorschriften te verbinden ter voorkoming van gokverslaving.
Het College stelde dat de adviezen en het onderzoek uit Maastricht voldoende aanleiding gaven om de beperkingen te handhaven en dat de exploitanten onvoldoende aannemelijk hadden gemaakt dat de beperkingen onrechtmatig waren. De motivering van de burgemeester werd als voldoende beoordeeld, en het beroep werd afgewezen.
Uitkomst: Beroep van vereniging VAAC niet-ontvankelijk, beroep van speelhalexploitanten ongegrond verklaard.